Happy Scribe Logo

Transcript

Proofread by 0 readers
Proofread
[00:00:10]

Zoek naar mijn oma toch? Dat is mijn moeder natuurlijk met een kabeltjes en dat ben jij. Nou, nu kom ik allemaal.

[00:00:20]

Dit is iets horen. Iets daarna een meanderen. Dat is een heel erg leuk, jullie allemaal. Ze zegt ook altijd ja, ik weet dus altijd dat ik een groot gezin wil. Maar. Dit is de Meppelweg zone in de zone oorlogse zestiger jaren wijk in de moeder in een mooie lange maxi jazz.

[00:00:48]

Zo heette dat Maxi Midi, een mini meemoeders hip.

[00:00:55]

Die liep ook een hele hippe kleren. Mijn moeder zag er echt heel mooi uit en mijn oma Den Haag was een heel schattig kind.

[00:01:02]

Blonde lokken, bolle wangen en lichte ogen. En die lichte ogen. Die heb ik ook. Die heb ik van haar. Later, als volwassene werd ze vrij lang een lange vrouw. Zeker voor die tijd en knap ook. Ze had altijd veel bekijks, hoewel ik zelf altijd vond dat ze te veel make up op had. Dat hoort gewoon niet bij een oma. Ze woonde alleen in Den Haag en wij woonden in Utrecht, dus Den Haag leek mijlen ver weg.

[00:01:31]

Ik ben als kind denk ik twee keer bij haar thuis geweest, maar dat had ze liever niet. En voor mij hoeft dat eigenlijk ook niet. Ik ging liever met haar op pad. Een dagje uit met oma Den Haag. Ik ben 10 jaar oud.

[00:01:49]

Het is prachtig weer, minstens 25 graden. Ik was in mijn. Ik wil jongens kleren faessen en ik droeg een korte spijkerbroek, een blauw T-shirt en sandalen. Ik word op het station in Utrecht afgezet.

[00:02:03]

Mijn moeder koopt nog snel voor mij een Rail Runner en in de stationshal, onder het grote bord, staan mijn oma en mijn nichtje op mij te wachten. Eten, drinken, tijdschriften, alles wat we willen mogen we kopen. We kiezen een grote zak en Bornems De Geele een flesje cola. En oma blijft maar aandringen dat we echt alles mogen kiezen. Dus we kopen ook nog de Hitkrant, voornamelijk voor de posters. En dan stappen we in de trein naar Amsterdam.

[00:02:32]

We kletsen wat over de stad en oma vraagt of we er zin in hebben. Tuurlijk altijd. Halverwege de rit raakt oma even in paniek. We zitten toch wel in de juiste trein? Ja, ik heb op het bord gekeken. Dit is niet mijn eerste uitje met u. Bent u mij nou oud? Oeps, ik mag geen u zeggen tegen mijn oma. Even vergeten. In Amsterdam nemen we de tram, steken we het Museumplein over en daar staan we dan.

[00:03:02]

Het Van Gogh Museum. We lopen langs de exposities en de vaste collecties. Gezellig is het zo gezellig. Vinden jullie het ook gezellig? Oma? Heel gezellig. Wat is er? Staat zo met je armen over elkaar. Ik heb het een beetje koud oma. Maak je geen zorgen in The Gift Shop staat erop dat we iets uitkiezen. Ik kies een kaart met een zelfportret van de schilder erop en mijn nichtje kiest een magneet met de zonnebloemen. Op de terugweg halen we nog een ijsje en dan zit ons culturele dagje er alweer op.

[00:03:37]

Vroeger ging ik altijd met mijn nichtje naar oma Den Haag. Later ging ik wel eens met mijn broertje. Nu ga ik altijd met mijn moeder en volgens mij ben ik nog nooit in mijn eentje bij haar geweest.

[00:03:52]

Maar weggezakte mij heeft maar een arm. Al die handelaren samen door. Maar die zijn gewoon niet zo heel veel mensen die het opnemen. Nou kijk, want al die mensen van 1 en 2 die weten natuurlijk niet wat ik moet zeggen. Als je een volwassene kan zeggen nee, ik zit daar net tussenin.

[00:04:21]

Natuurlijk is het net zo dat je wel dingen weet en zelfs nog dat de dag dat we naar het kamp vertrokken. Ja, dat is 4. Dat is de kunst die van een bepaald geheugen ergens op gericht ofzo. Zeg ik nog heel goed. En dan kun je kramat en laborante. En die dag is vertrokken. Maar ja, er zijn natuurlijk andere dingen die ik wil niet weten van voor de oorlog. Maar toen was je 2 of 3. Ik was 3 al ja, al die constatering.

[00:04:49]

Pas als 3. Hemeltje nog. Helaas weet ik nog wel heel bijzonder dat je nog dingen weet van 2, 3 en 4, maar ook niet natuurlijk.

[00:05:02]

Wat bijzonder dat je dat nog weet. Dat is wat ik zeg, maar diep van binnen voel ik twijfel en wil ik alleen maar vragen. Weet je het zeker, weet je zeker dat je zo veel nog weet? Klopt het wel? Maar dat vraag ik niet. Maar ook niet natuurlijk.

[00:05:21]

Maar misschien wat indruk op je maakt misschien jullie ook wel. Jullie weten verschillende dingen op van die leeftijd, maar echt veel minder hoor.

[00:05:28]

Als het dan over het kamp gaat, dan doet mijn moeder ook wel eens een duit in het zakje. Dan deelt ze verhalen die zij weer van haar eigen oma gehoord heeft. Verhalen die oma Den Haag dan van de wijs brengen. Twijfelen aan haar geheugen. Dat wordt niet gewaardeerd. En jij zat niet altijd bij de moeder.

[00:05:50]

De kindjes zaten bij de moeder. Dus alle kindjes of tot een bepaalde leeftijd. Nou, ook de jongens. Ja, waarom jongens niet? Ja, jongetjes en meisjes wat er zijn voor verschillen in zoals de oorlog, maar tot een bepaalde leeftijd moesten de jongens. De jongens moesten naar mannen komen. Dat weet ik niet, want ik had geen broertjes. Nee. Nou, dat waren wel kleine jochies in het kamp. Maar van welke leeftijd ze dat niet meer mocht?

[00:06:24]

Ik niet. Nee, ik denk niet dat de. Ik denk dat de minderjarige jongens niet met mannen komt. Hoeft de minderjarige denk ik niet. Nee, die mochten bij hun moeder blijven. Nou ja, jij denkt van wel. Je zegt dat je het weet, maar jij hebt het over. Ja, ik heb daar verschillende jochies in het kamp ook. Her en der werd echter een jongetje van 4 of 5 in het jappenkamp van de mannen en ook blaat ons heel makkelijk door haar beïnvloeden.

[00:06:52]

Die plek is natuurlijk ook niet zomaar iets. We willen vooral niet dat ze boos wordt en ook niet met 14 of 15.

[00:06:59]

Dat weet ik niet. Dat kan ik me niet meer herinneren. Ik weet niet wanneer dat begon. Je zou eerder denken misschien 17 ofzo dat ze op mogen rekenen om mij zolang nog kinderen waren. De dus ook nog om jongetjes en meisjes.

[00:07:14]

Die verhalen over het kamp van de oma van mijn moeder. Die liggen volgens mij dichter bij de waarheid dan de verhalen die mijn oma Den Haag verteld. Maar ja, als ik haar dat zou zeggen of zou vragen. Nou, dan weet ik echt het antwoord wel. Hoe bedoel je? Waarom zou ik het niet weten? Ik heb daar toch ook gezeten? Heel lang dacht ik dat oma niets meer wist van het kamp. Ze was tenslotte nog maar een kleuter.

[00:07:51]

Nu demonteerden en blijkbaar zit er nog een heleboel verhalen. Herinneringen waar ze volgens mij al haar hele leven van wegloopt. En dan komt er nu mee, gooit ze alles op tafel. En dan lijkt het nog alsof het niet alles is, want ik mag er niets over vragen. Ik mag alleen maar aanhoren. Ik heb geen goede band met mijn oma. Dat weet ik al heel lang. Nog niet zo heel lang bekruipt mij het gevoel dat onze band niet zo goed is, omdat ze misschien haar hele leven bezig is geweest om iets te vergeten.

[00:08:31]

Om iets voor mij en voor mijn moeder te verstoppen. En dat is gelukt. Ze heeft een kleinkind gemaakt dat niet heeft gedacht aan het kamp, maar dat is nu voorbij. De herinneringen kunnen niet meer terug in haar hoofd en het wordt tijd dat ik mijn oma leert kennen. Mijn hele oma, want ik mis een stukje en volgens mij is dat een heel belangrijk stukje. Is dat een stukje dat misschien wel mijn hele relatie met haar gaat veranderen nu het nog kan?

[00:09:05]

En dan zou ik toch heel graag nu iemand wat vragen stellen. Andere oma's die ook daar gezeten hebben, maar die er wel over hebben leren of willen praten.

[00:09:22]

Ik ben Robin Peeters en dit is het kamp van mijn oma, een podcast van KRO-NCRV en NPO Radio 1. Kom binnen.

[00:09:58]

Ik ben groene door. Van den Wall Bake en ik heb in een kedeng kamp gezeten van augustus 43 tot september 45.

[00:10:11]

Wie is daar?

[00:10:13]

Het is Robin Robin Peeters ook wel leuk jullie als jeugdkoor mee bezig zijn.

[00:10:23]

Geboren in Nu op 19 februari. 19:36 in Batavia.

[00:10:30]

Nelleke Betti, Anneke Grönloh, Tineke en Anneke Loulou. Zes vrouwen die mij allemaal niet kennen en mij toch alle zes behandelen als hun eigen kleinkind. Ik word hartelijk ontvangen door Nelleke. Ze geeft me koffie met spek ook en heeft prachtige Indonesische kunst aan de muren hangen. Begonnen wandel ik samen met haar man en hun twee honden door de gigantische tuin. Bij Betti drink ik limonade en eten koekjes in haar stekkie in de tuin. Bij Anneke krijg ik voor het eerst sinds lange tijd weer eens cola en bewonder ik haar kikker verzameling.

[00:11:08]

Bij Tineke komt de Indonesische muziek met tegemoet en krijg ik vlaai en worstenbroodjes en bij nog een Anneke wordt er een boterham met kaas voor mij gesmeerd en meegedacht over de opstelling van de microfoon. Allemaal zwart wit foto's, eentje met daarop een klein meisje met een grote witte strik in haar haar, eentje met een tweeling, klein, mollig, met een beer die bijna net zo groot is als zijzelf.

[00:11:35]

Zijn eentje met een flink koppie vol met donkere krullen. Gezin voor een huis op palen, een portretje van drie keurige kinderen.

[00:11:44]

Zoveel jaar geleden drie dochters in een rijtje, van klein naar groot en de kleinste. Die heeft een ondeugende blik op haar gezicht. Allemaal zwart witfoto's van kinderen die nu oma's zijn.

[00:11:58]

Echte oma's, die echte oma's nemen mij nu mee naartoe zijn nog die kleine kinderen waren toen Indonesië nog helemaal geen Indonesië heette, maar Nederlands-Indië en Jakarta nog niet Jakarta heette maar Batavia en daar in Batavia.

[00:12:17]

Daar lag hun kamp. Kamp tweede.

[00:12:25]

Eenenveertig en begin 2 werden, want toen de joppen dan daadwerkelijk binnen waren gevallen Busacca kwamen, kwam een stel. Uh, een marcherende. En ze hadden allemaal van die bedjes, ook met die lange flappen achter hen en een gedeelte op de fiets. Dat was ook die denk ik dat ze die over her en der de weg weggehaald en en de motor een tip achtige motor voor op een deur achter de Japanners vielen binnen nemen de macht over.

[00:12:57]

Huizen worden bezet. Gekke kleine mannetjes de mannen.

[00:13:00]

De vaders worden zonder uitleg meegenomen. Opgehaald, gevangen gezet op 10 mei.

[00:13:06]

19 42 werkt met vaders als bijna alle Nederlandse vaders opgepakt is voor internering. En hij ging naar de gevangenis thuis opgedragen om te vertrekken, niet wetende wat ze te wachten stond.

[00:13:23]

Dat wij als kinderen helemaal geen besef hadden van wat er aan de hand was. Ja, gewoon of die na Kamp doorging van Bandoeng naar hier. Niks bijzonders en eigenlijk te weinig bagage mee bezig. Bandoeng naar Batavia. Dan zijn we met die trein. Dat waren van die goederenwagens afgevoerd als goederen op de grond, gewoon goederenwagens, gewoon geblindeerd op gepakt en een vreselijke treinreis. Ik weet heel goed dat we liepen te sjouwen. Ik weet echt niet meer waar naar het kamp toe.

[00:13:55]

En toen namen we nog ons zilver mee moest van van mijn moeder. Maar dat ze daar eindeloos liep. Ik denk dat dat één van mijn eerste herinneringen is. En dan moet ik drie geweest zijn. Het was dus een gewone woonwijk met euh, en grote en kleine huizen erin. Daar gingen dus drie rijen prikkeldraad omheen. Bekleed met gevlochten bamboe en N. Wegter doorheen. Dat was de breedste. Ook daar hebben ze op een gegeven. Als je als je in een wijk.

[00:14:27]

Als je die afsluit, dan moet je op een gegeven moment op de weg moet je een hek zetten. Nou, en dat gebeurde dus. En dat ging echt. Een pot poort, ook van gevlochten bamboe. Die ging dicht. Je was altijd dicht bij huis als er behalve Asster iemand of iets doorheen moest. Een raamwerk zeg maar van een van de twee deuren, twee bij de deuren. En euh ja, met het. Weet jij niet ergens een sleutel of zat op straat ofzo?

[00:14:56]

Maar daar buiten? Dat was de woning van de commandant. En daar zaten natuurlijk altijd mensen, dus niemand hoefde te denken dat ze eruit konden. Het kamp was tussen twee riviertjes Zidan Oost en West. Dan heeft het zijn naam en betekent water rivier. Dus daar was je ding Oostenrijk waar je nooit uit mag.

[00:15:18]

Alles afgesloten door een soort rieten hek en twee riviertjes die staan tussen jou en de buitenwereld.

[00:15:25]

Dus dat was dat. En dus aan de voorkant was het helemaal afgesloten. Het was toch wel aan twee kanten afgeschermd eigenlijk.

[00:15:32]

Mijn hoofd was het best groot en er was een poort waar je nooit uit mocht. Ruimte en er worden al mensen in en wij staan daar voor niets. Dus je gaat naar de blokken hoofdkamp hoofd zeg je. Daar kunnen wij niet in. Jammer dan. Meer krijg je niet. Ja, en dan zeggen de mensen in het huis. Je mag blij zijn. Jullie hebben nog dit in dat wij hebben, maar dat. Wij zaten in een megastal. Redelijk klein huis met 32 mensen.

[00:16:03]

Moeder en ik hadden geluk. Wij sliepen op een gallerij. Daar stond ons bed. Ze waren grote huizen, afgescheiden door een gordijn met honderd mensen.

[00:16:12]

Wat een heel klein kamertje met een houten bed. Daar ze ik bij moeder op met ons. Hoe dan? Honderd mensen in één huis. Breedhout in bed.

[00:16:20]

Maar ik sliep in bed. Heel klein kamertje. Dat weet ik nog. Maar daar waren moeten nog andere mensen in arthouse ook hebben gewoond? Dat kan ik mij niet meer herinneren.

[00:16:28]

Klein op elkaar stapelen onder elkaar.

[00:16:32]

Kinderen die bij hun moeders in bed liggen was en in de ruimte die overbleef. Mijn broertje is n twee, vier volwassenen twee keer in één kamer.

[00:16:44]

Nou, we moesten altijd beginnen met koepel, twee keer per dag in de hitte staan. Lang staan volwassenen, kinderen, iedereen net zo lang totdat iedereen stil was. Komproe landen is een bijeenkomst, dus het compleet bij elkaar komen op het grote plein was een heel groot plenum kamp. En dan moesten we s morgens altijd beginnen. Nou, als we s morgens dan moet complet, dan zongen wij als kinderen zongen we het liedje Altijd twee Giot stuk. Daarna Kyrie Narodowy en Yazoo mee.

[00:17:18]

Bleep!

[00:17:19]

Hoe lang is ook Joodse kaas rechtopstaand? Buigen, buigen, alsmaar buigen en dieper buigen en nog dieper buigen. Anders was je de klos te kijken naar een net zo lang tot zelfs de kleinste kleuter het wist.

[00:17:36]

Dan ging mijn moeder altijd midden in de in de rij vrouwen staan en dan zat ik op haar voeten op de schoenen. En dan zat ik in het zand als bij te tekenen op appelmoes te staan en mocht een pasweg eerst helemaal stil was naar huis met show en zo een show voor kinderen die honger hebben. Moe zijn en allen weet niet hoe lang staan in de hitte. Probeer je stil te krijgen.

[00:17:58]

Het is daar zo Bahram Dan Haelters drink je uit. Niet diep genoeg boog of waar ze bijvoorbeeld iets gevonden houden. Want Jappen gingen altijd als ze moesten koppelen in de Jappen, dan de huizen doorzoeken of ze nog iets zouden vinden van waarde. En als ze dat handje dan. Toen vrouwlief kreeg dan een behoorlijk pak slaag en dan moesten anderen allemaal toekijken. Kinderen, want als de kinderen iets fout deden kregen de moeders klappen. In een kamp had je Sonja en Sonja en die was man ziek en die had soms maand ziek.

[00:18:28]

Een vorm van geesteszieke stemmingswisselingen die zouden komen door de mama.

[00:18:33]

Dat moest ook vaak s nachts, midden in de nacht en dan werd daarop ergens opgeslagen door een yazd. En dan moest je eruit, werd er omgeroepen.

[00:18:42]

Gingen Sirenen en dan moesten we allemaal ons bed uit. Mattenklopper een beetje gek mattenklopper Saturnus dus.

[00:18:49]

Woord voor en houdt het een keer in zijn hoofd om de computer en bij hem aan de poort om ons te laten tellen en toe te spreken. Dus toen we daar midden in de nacht een shōnen in was op een korte afstand van ons. Maar hij kon zich niet duidelijk zichtbaar maken en hij vroeg om een keuken stoel met een de zitting en ging die opstaan. En die sprong ik en ik viel bijna door het gezichtsverlies in ieder geval. Ik moest er vreselijk om lachen.

[00:19:24]

Een hoge commandant door de stoel zat en ik weet nog goed dat mijn moeder toen haar hand voor mijn mond.

[00:19:31]

En wat nou als ze had gelachen? Wat had die kleine generaal dan gedaan? Wij als kinderen liepen de hele dag in het kamp rond. Soms moesten we iets doen van de job. Grassprieten plukken, onkruid wieden. Dat weet ik nog wel. Maar als kleinkind van vier. Ja, wat moet je? Geen speelgoed, geen school voor maak jezelf.

[00:19:54]

Maar verders liepen we de hele dag maar in kamp buiten speelden bij de Kaley, bij de rivier onder de wc's gebruiken moest je toch wel voldoen. Of in ieder geval ergens in en je moest de leegte gegooid worden in een soort latrine. De auy moesten naar dat pleintje toe en daarom moest ik aan leeg gooien.

[00:20:15]

En dat was een druppel olie in zee zijn een olifant een moest mostert ingeleverd worden.

[00:20:21]

Hoe dat weer geleegd werd weet ik niet, want dat kost allemaal handmatig gedaan worden. Mijn zusje was te klein om die pot te legen. Dus ik kon daar wel naartoe en ik herinner me dat. Toen was ik denk ik ouder dan vijf. Dus een beetje aan het eind zijn geweest. Toen bleek de job zoeken tekort te komen. Ik moest Bree zoeken zonder job, dus dat was alleen maar hoefde niet. Maar we lieten natuurlijk regelmatig steken vallen en dat was dan een stick die je wel eventjes even een steek laten vallen.

[00:21:03]

Ik had gezinspeeld op heel wat zoeken breien. Ik kan me niet herinneren ik had geen poppen, maar dan maak je zelf van een lapje of zo kleertjes maken denk ik. Van ouwe lappen, een rokje of een heel klein klein jurkje. Misschien op het laatst hadden we niet veel meer, want dat versleet natuurlijk. En mijn moeder, die had een bloesje aan van gemaakt van een theedoek.

[00:21:23]

Heb geen foodtruck, kan t niet bewijzen. Ik had nog één jurkje, was lichtgroen en en zonder mouwen. En er vielen gaatjes in. En dan ging ik naar andere kant vrouwen. Of ze nog een lapje voor me hadden? Zo werd je een jurk met gedeeltelijk patchwork.

[00:21:38]

Al die verhalen over Qtek, want dan ging ik bedekken. Dan ging je naar de. Uhm, het eind van het kamp. Of nou die afrastering. En nou over gaat je. En dan? Dan kon je het Warren denken. Dan stonden Indonesisch aan de andere kant met nog een broodje of een echt. In de begintijd konden behoorlijk pyl gekocht worden met de Javanen door het Khadak heen.

[00:22:09]

Qtek handelen. Zo veel honger hebben dat je met gevaar voor eigen leven aan de rand staat de handen.

[00:22:17]

Ik weet niet wat ze eigenlijk gaven, maar dan kregen we één ei en dat moesten we dan door vierendelen ofzo. Dat mocht dus helemaal niet en als je daar bepakt werd. Bepakt is betrapt dan euh. Dan was je erbij. Ik weet dat mijn moeder werkte in een gaarkeuken. Ze had een klein pepertjes, doosje ribbetjes van die snoepjes. En dan zei ze ooit bv nam wel, ging naar de gaarkeuken en liep daarbuiten buiten rond en 6. O, je bent een beetje verkouden.

[00:22:43]

Hier heb je een wippertje, gaf ze met dat doosje. Maar dan zaten er dan kindjes uitgebakken vet dingetjes. Die had ze dan gepikt in de gaarkeuken en in het ribbetjes doosje gedaan.

[00:22:54]

Wij kregen op een gegeven moment uit de gaarkeuken eten en ieder korreltje werd afgebogen. En dan zijn ze gamel Larry toe, want die is heel precies is het eten voor het huisje waar heel veel mensen in zaten. Toen ik 6 jaar was, kreeg ik een banaan afgebogen op de weegschaal. Dat was mijn cadeau. Ik denk dat we met z'n schillen al opgegeten is omdat we zo normaal hadden. Waarschijnlijk had mijn moeder die gesmokkeld. Ik weet wel dat dat was heel erg van mezelf.

[00:23:22]

Ik had honger en honger, doet pijn. Dat doet pijn in je buik. Als ik dan zo ging staan met mijn twee handen op mijn maag en ik ging zo naar voren buigen voor mijn moeder. Dan wist ze dat ik honger had. En dan kreeg ik van haar een extra boterham met mijn oudste zusje. Giftig, want die had het in de gaten dat het een toneelstukje voor mij was. En ik wist.

[00:23:43]

Ik wist dat ik het niet moest doen, maar ik deed het toch in de struiken. Slakken zoeken, kikkers vangen, want alles wat eetbaar was je op. En op het laatst was geen slak meer te vinden, geen kikker meer te vinden, geen hond, geen kat. Niks meer in het kamp. Yaman plukte de bladeren en de bladeren. Bladeren eten altijd honger. S Morgens kreeg je stijfsel. Pak een klein bekertje heel vies. Maar ja, als je honger hebt, eet je alles.

[00:24:09]

En dan homp je brood s middags en s avonds een beetje waterige kool soep.

[00:24:16]

Blubber liet zondags eet je blubber pap. Dat is heus geen flauwe grap. In mijn gang grote hap lekkers die blubber, pap, suiker of zout eten. Warm of koud? Of je nog niet zijn oud. Denk maar fijntjes havermout. En als ik me niet vergis helpt ook blubber pap. Gewis! Als er iets te lijmen is. Luba PAP is lang niet mis. Daarnaast is de grote vraag van de bak of niet vandaag zondagsstoet. Maar dat is heus geen flauwe grap.

[00:24:54]

O zo graag een grote hap, lekkere suiker en zout eten. Warm of koud hoef je niet zijn. Oud dankbaar. Ik wist meteen ook al eerder dat baby'tjes wij hebben gemerkt dat we spelen wie het is. En ze zijn ook zo leuk, zo smaller en een dochtertje. Dat was toch geen dipjes? Ik heb meer verteld ik heb één keer pasta. Het warm of koud. Oh zo gezellig niet zijn nou denkbaar. Maar dat mijn benen al tweemaal zijn.

[00:25:32]

Lichtblauwe shirtjes, zendingen die vertellen wat daar en een balletje misschien een keer. Dat weet ik niet eens meer, maar we proberen ons te vermaken. Dus wij sprongen in een rood jurkje, dat was het waarschijnlijk over een maand nog. Klein is iets extra's in je blubber en oh zo graag. Allemaal antwoorden op mijn onuitgesproken vragen en dit is zeker een stuk van mijn oma. Ik miste.

[00:26:11]

Ik heb een foto vormen van een breed glimlachend kind, grote strik in haar haar, blote voetjes, beentjes als taakjes. Bijna te dun om op te staan op de achterkant staat Frederik zes jaar voor haar NOAD schooltje in Australië. Fréderique. Dat is mijn oma, mijn oma. Ik had gedacht dat na al deze verhalen ik me dichter bij dit kindje zou voelen. Maar eigenlijk is het tegenovergestelde waar. Ik baal er nog meer van dat ik dacht dat oma hier misschien niet van had meegekregen omdat ze jong was of omdat ze misschien net in een ander deel zat.

[00:26:59]

Maar het was niet zo groot en er was natuurlijk niet een ander deel. En iedereen had honger. En al die oma's die hun verhaal met mij deelden, die waren allemaal kleine kinderen die die kleine kinderen herinneren zich heel erg veel narigheid. Maar het is niet zo dat al deze kleine kinderen net zo geworden zijn als mijn oma. Zij kunnen mij rustig ontvangen. Luisteren naar al mijn vragen en kunnen vertellen over alles in het kamp. Dat is duidelijk niet hoe mijn eigen oma ken als oma.

[00:27:34]

En dan ben ik dan niet als oma dan mee? Nee nu, ik weet nu wel dat ze door. Ze weet wel dat ze dol is op baby en zo. En nu ook alles wat klein is vindt ze geweldig. Maar ja, ik denk ze was wel dol op jou. Maar ze wilde heel veel ook.

[00:27:58]

Dus uhm, en ja, ik vind het moeilijk om het objectief te beoordelen omdat ik denk dat ik zelf. Dat is misschien niet zo eerlijk naar haar dat ik zelf nogal op mijn hoede was. UM. Ik was nooit denk ik denk. Misschien was ik wel nooit honderd procent ontspannen dan.

[00:28:21]

Euh ja, dus ik. Ik liet jou daar ook niet meer dan een beetje ook al wat ouder. Ik liever daar ook niet logeren. Ik denk dat ik het één keer heb gedaan, maar dat ik toen besloot dat dat geen goed plan was. En euh, ik deed dat gewoon niet. Ik kwam op bezoek met jou en ik. Ik vond het ook altijd heel leuk gevonden om samen met oma dus mijn naam om gewoon met z'n drietjes dan iets te gaan doen.

[00:28:45]

Een beetje zoals ik dacht van zo doen moeders en dochters dat. Met Als door een kleinkind is een gezellig wandelen met z'n drieën en dan ergens naartoe.

[00:28:53]

En dat zo werkt het gewoon niet bij oma met mijn moeder. Samen delen van mijn kindje, dat maakte ik niet mee. Dus ik kon ook niet het gevoel goed het gevoel hebben om mijn kindje dan bij haar te laten terwijl ze altijd zelf brengen.

[00:29:11]

Je mag het altijd brengen. Later toch gewoon hier. En dan gaan jullie lekker weg.

[00:29:14]

En ja, dat dat deed ik dus niet omdat. Het stuk voor de ookniet was geweest. In mijn herinnering heb ik altijd geweten dat het niet normaal was dat er iets met mijn moeder was. Dat dat wat wij moesten doen of hoe hij leeft, dat het niet. Klopt. Ik vond het ook altijd heel erg namelijk en ik vond het ook bijvoorbeeld heel altijd heel erg voor mijn moeder.

[00:29:42]

Ik had altijd medelijden met haar en dat was ook niet euh, te bespreken. We konden nooit. Ja, je zou dat nu zeggen meter communiceren.

[00:29:49]

We konden niet praten over wat er was.

[00:29:55]

Een dagje uit met oma Den Haag op het station. Ik had mijn moeder en nichtje en ik delen ons flesje museumshop. Kiezen we het aller kleinste cadeautjes? Blijft maar aandringen dat dat weer groter kiezen. Maar ja, dat kost allemaal geld. Geld waarvan wij weten dat het er eigenlijk niet is. Maar we spelen mee. We doen alsof we gewoon heel bescheiden zijn. We hoeven echt niet. Het is precies wat er in de trein vraagt oma of er zin in hebben?

[00:30:23]

Zeker. Maar ja, het is hoogzomer en bijna dertig graden, dus een dagje naar het strand was ook leuk geweest. Hoezo? Hoe bedoel je? Wil je niet naar het museum? Maar waarom? Je houdt toch van musea? Vind het toch altijd heel leuk als we samen naar museum gaan? Natuurlijk altijd. Oké, daar gaan we erheen. Maar als je iets anders wil doen dan dan kan je dat altijd zeggen. Heb je energie? Vind je het leuk?

[00:30:43]

Wat is je doorlopen? Is het niet leuk, maar heb je je armen over elkaar? Is er iets? Nee, ik was gewoon een beetje vergeten dat het in een museum best koud kan zijn. Dus ik ga nu even daar staan. Daar zit iets warmer. Hoe heb je het koud? Ik heb het helemaal niet koud. Misschien heb jij het koud. Ze heeft het ook niet koud. Heb jij het koud? Vind je het hier niet leuk?

[00:31:03]

Nee, het is oké. Ik heb het niet koud. Euh. Dat dacht ik alleen maar het mag niet vervelend zijn. Alles moet perfect gaan. Mijn moeder liet me als kind niet alleen mijn oma ben. Later, als ik iets met mijn oma deed, was ik ook nooit alleen, bijna altijd op mijn hoede. Niet omdat iemand mij gezegd had dat ik dat moest zijn. Nee, dat was ik gewoon, omdat het dan dragelijker was om samen te zijn.

[00:31:30]

Ik nam haar in bescherming. Let op haar geld. Kijk naar de route letten op wat ik zei. Geen. U zeggen, niet zeggen dat ik het niet lekker vindt. Ik speelde een rol in ons gekke toneelstukje. Ik speelde de perfecte kleindochter en zij speelde de perfecte oma. Wat mag niet vervelend zijn? Het mag nooit vervelend. Is het dat wel? Dan raakt ze volledig in paniek, want dat kan niet. Het kan echt niet vervelend zijn, mag niet, mag echt niet.

[00:31:57]

En dat is wat ik niet begrijp. Waarom? Waarom mag het nog steeds niet vervelend zijn? Waarom van alle muurtjes die de afgelopen jaren in haar brein zijn afgebroken? Ze is rustiger. Ze vertrouwt me meer. Ze praat graag over het verleden. Waarom zijn die muurtjes weg en blijft wel dat ene muurtje staan? Het muurtje dat al haar herinneringen in twee gesplitst? Fijn en vervelend. Ik denk niet dat er echt iets aan onze relatie kan veranderen. Totdat ook dat muurtje weg is.

[00:32:34]

Misschien kan ik hem niet bij haar weghalen. Misschien wil ik dat ook wel niet, maar bij mij kan het wel, want ook bij mij staat er een muurtje, eentje tussen mijn oma. De niet zo sterke volwassenen en mijn oma het supersterke kind.

[00:33:03]

Dit was de tweede aflevering van Het kamp van mijn oma, een podcast van de KRO-NCRV en Radio 1. Met grote dank aan Schøne, Dorman, Van den Wall Bake. Anneke Deraedt, Betty de Roos, Anneke Schultz. Pols, Nelleke Ausloos en Tineke. Zover die zo vrij met mij wilde spreken.

[00:33:37]

Heb je genoten van deze podcast? Luister dan ook eens naar Het Verloren Hoofd waarin wij Nienke, Ruud Brood en Mathijs de Groot op zoek gaan naar een verloren hoofd van een Indonesische vrijheidsstrijder.

[00:33:51]

Al snel raken verstrikt in een wereld van lichaamsdelen, prinsessen en twijfelachtige spelregels.

[00:33:58]

Je vindt het verloren hoofd in je favoriete podcast app.